Verpleegkundige Michel Van Geert (39) aan het woord

'Ik streef ernaar mijn patiënten te zien lachen voor ik ze uit handen geef.'Bart Dewaele © Bart Dewaele

 

 

 

 

AALST - 'Net als de meeste kleine jongetjes vond ik het vroeger fantastisch als er een ambulance voorbijreed: die blauwe lichtjes en sirenes spraken enorm tot mijn verbeelding. Maar het was niet alleen dat stoere dat me aantrok, ook het zorgen zelf. Dat heb ik van thuis meegekregen. Probeer altijd anderen te helpen, zonder iets terug te verwachten.'

 

'Als jonge kerel had ik nog een andere passie: theaterbelichting. En dus besloot ik om industrieel ingenieur te worden. Dat bleek achteraf nogal een teleurstelling. Ik had de optie analoge elektronica gevolgd, wat al snel een verouderd diploma opleverde. Bovendien werd er nooit over theaterbelichting gesproken. Maar goed, ik heb een tijdje als ingenieur gewerkt gecombineerd met vrijwilligerswerk bij het Rode Kruis. Na enkele jaren kon ik effectief aan de slag bij het Rode Kruis en gaf ik EHBOcursussen aan bedrijven. Maar de drang om écht patiënten te verzorgen bleef.'

 

'En dus ben ik, na lang twijfelen, op m'n 32ste weer gaan studeren. Gelukkig was verpleegkunde een knelpuntberoep en kreeg ik steun van de VDAB. Maar toch voelde het als een risico. Ik liet mijn vast werk achter voor een sprong in het onbekende. Maar ik heb nog geen minuut spijt gehad. Ik ben meteen op de spoeddienst kunnen beginnen en dat bevalt me enorm. De afwisseling is fantastisch, want ik hou helemaal niet van routine. Nu is het hier heel kalm, maar over een kwartier worden we misschien overspoeld. Ik heb één streefdoel, bij al mijn patiënten. Voor ik hen uit handen geef, wil ik dat ze gelachen hebben.'

 

'Af en toe komt mijn ervaring als ingenieur wel van pas. Ik ben getraind om heel technisch te denken, wat op een spoeddienst mooi meegenomen is. We moeten vaak met heel ingewikkelde apparatuur werken, en ik merk dat collega's me dan soms om advies vragen. Ik heb mijn oude job nog niet gemist, het is fijn om met mensen te werken. Je ziet meteen wat je voor hen betekent. De voldoening zit in kleine dingen. Als je er bijvoorbeeld in slaagt om een infuus meteen goed te prikken, dan maak je de patiënt echt gelukkig. Zo voelt hij zich niat als een speldenkussen. (lacht)

 

 

 

 

'Ik zou deze job aan iedereen aanraden. Het is nooit bandwerk. Zelfs al komen er op één dag vijf mensen met een acuut hartinfarct binnen, dan nog zal het vijf keer anders zijn.'

 

 bron : www.standaard.be

 

 

Zoeken