Opiniestuk - Waarom kiezen onze specialisten voor een privépraktijk?

De schaarste aan specialisten in ziekenhuizen dreigt de kwaliteit van onze gezondheidszorg in gevaar te brengen. Zo waarschuwt Erwin Bormans, algemeen directeur van het ZOL (Ziekenhuis Oost-Limburg).

Zorgnet Vlaanderen kaartte op 1 augustus de problematiek aan rond het vinden van specialisten in ziekenhuizen. Artsen zouden steeds vaker (DM 1/8) voor privépraktijken kiezen waardoor ziekenhuizen in de problemen komen. Dit klopt maar daar zijn redenen voor. En daarom is het de hoogste tijd om een gestructureerd debat met alle betrokken spelers op gang te brengen en een langetermijn-visie uit te werken. Want is het niet vreemd dat onze ziekenhuizen in het buitenland specialisten moeten rekruteren omdat gemotiveerde jongeren in eigen land omwille van een numerus clausus geen doktersstudies kunnen aanvatten en er dus voor bepaalde disciplines onvoldoende artsen in opleiding zijn?

Toegegeven, in een groot ziekenhuis zoals het Ziekenhuis Oost-Limburg stelt de problematiek zich zeker niet zo scherp. Voorlopig slagen we erin om goede specialisten aan te trekken en onze vacatures in te vullen. Artsen komen op goed uitgebouwde diensten terecht zodat de wachtdiensten onder verschillende collega's kunnen gedeeld worden. Bovendien krijgen ze in centrumziekenhuizen de kans om zich te subspecialiseren en deel te nemen aan wetenschappelijk en klinisch onderzoek. Deze factoren spelen een belangrijke rol bij de keuze die specialisten maken. Ons ziekenhuis is ook een opleidingsziekenhuis voor assistenten, zodat er reeds vroeg in hun opleiding contacten gelegd en onderhouden worden.

Maar dit betekent niet dat we onze ogen moeten sluiten voor de problemen die zich bij de kleinere, regionale ziekenhuizen stellen. Wij worden daar in ons netwerk, want als centrumziekenhuis werken wij nauw samen met de regionale ziekenhuizen in onze regio, eveneens mee geconfronteerd. Want net omdat zij niet altijd kunnen voldoen aan de net opgesomde werkomstandigheden is het voor deze zorginstellingen wel steeds moeilijker om specialisten te vinden die voor hun ziekenhuis willen kiezen. In die mate zelfs dat er sinds enkele jaren headhunterbureaus ingeschakeld worden om in het buitenland specialisten te rekruteren. In het begin in de ons omringende landen en sinds kort ook in Oost-Europa. En indien er niet snel iets verandert zou deze trend zich wel eens kunnen doorzetten naar de hele ziekenhuissector.

Knelpuntsocialisme
Is dit te wijten aan specialisten die ervoor kiezen om in privépraktijken aan de slag te gaan? Niet helemaal, hoewel dat zeker een factor is die meespeelt, zeker in bepaalde regio's. Het probleem zit dieper en is structureler want er zijn niet enkel te weinig specialisten maar ook te weinig huisartsen. En dus moeten we naar ons beleid durven kijken. Ten eerste is er de numerus clausus waardoor het aantal mensen dat tot arts kan opgeleid worden fel beperkt is. Deze numerus clausus is de voornaamste reden van de schaarste aan geneesheren waar we nu mee kampen. We moeten ons de vraag durven stellen of dit de oplossing is voor onze geneeskunde in Vlaanderen waar jonge mensen wel het potentieel hebben om een opleiding te volgen maar hierin afgestopt worden door de wetgeving.

Artsen gaan ook meer bewust een keuze maken voor hun specialisatie. Naast de inhoudelijke voorkeur, het curriculum tijdens de studies enzovoort speelt de toekomstige werking als opgeleid arts ook een grote rol bij hun keuze. En uiteraard speelt ook de Riziv-honorering die het loon van de arts bepaalt en die verschilt van discipline tot discipline een rol. En wat zien we? Dat de artsenberoepen die qua verloning onderaan de rangschikking staan meteen ook de 'knelpuntspecialismen' zijn. Zoals de pediaters, de geriaters, de neurologen en de psychiaters. Daarom moeten we de nomenclatuur van deze artsenberoepen durven herbekijken. Ook binnen de specialismen zelf. Want nu kost een raadpleging bij pakweg een pediater privé of in een ziekenhuis hetzelfde, maar het probleem waarmee een patiënt naar het ziekenhuis komt is vaak complexer en vergt vaak multidisciplinair overleg. Ook heeft een pediater in het ziekenhuis geregeld de ondersteuning van een verpleegkundige nodig of worden andere meerkosten gemaakt en toch is de honorering hetzelfde.

Dominostenen
En ook hier doet de ene dominosteen de volgende vallen. Door de schaarste aan studenten bij bepaalde specialismen voorzien de universiteiten ook minder opleidingsplaatsen. Met een scheefgetrokken in- en uitstroom tot gevolg. Met andere woorden: voor iedere geneesheer-specialist die in een ziekenhuis met pensioen gaat, staat er lang niet altijd een opvolger klaar om zijn of haar plaats in te nemen. Deze evolutie zal op termijn onvermijdelijk voor grote problemen zorgen.

Tenzij we tijdig ingrijpen. En daarvoor is een gestructureerd debat nodig met alle spelers die op het veld actief zijn. De overheid, het Riziv, de ziekenhuissector en de artsen moeten rond de tafel gaan zitten om nu een strategisch plan op te maken voor de komende 10 tot 15 jaar. Anders dreigt de schaarste aan specialisten in ziekenhuizen extreme vormen aan te nemen en komt de kwaliteit van onze gezondheidszorg in gevaar.

Bron: De Morgen (2/8/2012)

Zoeken

ZorgNieuws

< VorigeVolgende > 1 ...