U bent hier

Terugbetaling van preventief gebruik hiv-remmers bij risicogroepen

19/05/17

Mensen die een hoog risico lopen op een besmetting met hiv hebben vanaf 1 juni 2017 recht op de terugbetaling van hiv-remmers voor preventief gebruik. Dat heeft minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block beslist. De twee grootste risicogroepen zijn mannen die seks hebben met mannen en mensen afkomstig uit Sub-Saharaans Afrika.

Minister De Block: “Hiv is een zeer ernstige aandoening die levenslang gevolgen heeft voor de patiënt. Door hiv-remmers nu terug te betalen aan mensen die geen hiv hebben maar wel een hoog besmettingsrisico lopen, kunnen we heel wat nieuwe infecties vermijden. Het blijft natuurlijk cruciaal dat zij, net als iedereen, de nodige voorzorgsmaatregelen nemen en dat ze zich regelmatig laten testen op hiv en andere seksueel overdraagbare aandoeningen.”

Vooraleer er sprake kan zijn van terugbetaling zal een arts het risico op besmetting inschatten. De terugbetaling van het preventief gebruik van antiretrovirale middelen of pre-exposure prophylaxis, kortweg PrEP, wordt ook gekoppeld aan een gepaste omkadering in een aidsreferentiecentrum. Op die manier krijgen mensen zeker de juiste medische opvolging en begeleiding.

Met deze maatregel realiseert minister De Block actie 34 uit het Hiv-plan.

Voorgeschiedenis

Het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) gaf op 21 juli 2016 een positief advies voor de terugbetaling van PrEP aan seronegatieve mensen met een hoog risico op een hiv-besmetting. Het farmabedrijf dat de hiv-remmer Truvada® ontwikkelt, diende daarop een aanvraag in bij de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen (CTG) om de terugbetaling uit te breiden met deze indicatie. Op basis van het positieve advies van de CTG beslist minister De Block nu om PrEP terug te betalen aan hoogrisicogroepen. 

Intussen voerde ook het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) een onderzoek uit in ons land naar de doeltreffendheid PrEP bij hoogrisicogroepen. Uit de resultaten blijkt dat seronegatieve personen inderdaad beter beschermd zijn als ze preventief hiv-remmers gebruiken, maar dat dit het best gebeurt binnen de medische omkadering van een aidsreferentiecentrum.

Vorig jaar besliste minister De Block al om de terugbetaling van hiv-remmers vanaf 1 december 2016 uit te breiden naar álle patiënten met een hiv-besmetting, ongeacht het ziektestadium waarin zij zich bevinden. Voordien hadden hiv-patiënten pas recht op terugbetaling als hun afweersysteem onder een bepaald niveau was gezakt. Dankzij die versoepelde terugbetalingsregels kunnen hiv-patiënten in alle stadia van de ziekte rekenen op een betere behandeling en hebben ze minder kans om hun besmetting over de dragen.

Hiv-plan 2014-2019

Federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block werkt sinds het begin van deze legislatuur aan de verdere uitrol van het Hiv-plan 2014-2019. Ze nam al heel wat maatregelen, onder andere rond gedemedicaliseerde testing, zelftesting, de terugbetaling van hiv-remmers aan alle hiv-patiënten ongeacht hun ziektestadium, de financiële steun aan aidsreferentiecentra, de medische begeleiding van sekswerkers, de erkenning van de Positieve Raad als officieel adviesorgaan.

Het Hiv-plan 2014-2019 maakte voorwerp uit van een protocolakkoord tussen de federale overheid en de deelstaten, dat gepubliceerd werd in het Belgisch Staatsblad van 21/11/2013. Via 58 acties wil het plan volgende grote doelstellingen realiseren in de strijd tegen hiv:

  • vermindering van het aantal nieuwe gevallen van hiv-besmettingen;
  • verbetering van de toegang tot gespecialiseerde hiv-diensten en -programma’s die instaan voor preventie, screening, zorg en een kwaliteitsvolle begeleiding, en dat binnen een kader van de universele toegang tot gezondheid;
  • terugdringen van alle vormen van stigmatisering en discriminatie, in het bijzonder als ze gebaseerd zijn op het serologische statuut of de gezondheidstoestand van mensen.

Bron: FOD Volksgezondheid - eigen berichtgeving