Koffie tegen het alleenzijn

BORGLOON - ‘De verveling slaat snel toe bij bejaarden', zegt Marleen Paesmans. Als zorgbuur gaat ze bij oude mensen op de koffie en luistert ze naar hun zorgen. 

‘Een broodje smaakt beter, als je met iemand aan tafel zit. Daarom kijk ik ook altijd uit naar vrijdag', zegt Maria Soetaers. Elke vrijdagmiddag krijgt de 76-jarige dame bezoek van Edith Poncelet. Poncelet is zorgbuur. Al woont ze een dorpje verderop, ze doet wat buren soms voor elkaar doen: even binnenspringen, de postbus leegmaken, de rolluiken omhoog trekken. Of ze leest, zoals vandaag, rouwkaartjes voor.

‘In oktober is mijn man Albert overleden', vertelt Soetaers. ‘Hij had Parkinson. Het laatste jaar was hij ook dement. Tot het einde zorgde ik hier thuis voor hem. We waren veel jaren erg gelukkig. Nu woon ik maar alleen in dit grote huis.'

Poncelet legt het stapeltje brieven opzij, ze streelt over Soetaers' hand. Poncelet: ‘Vroeger kwam ik vooral voor Albert. We losten samen kruiswoordraadsels op. Ondertussen hebben Maria en ik een hechte band. Ik ben zelf weduwe en weet hoe zwaar het eerste jaar zonder je echtgenoot is. Dus ben ik er voor Maria, bijvoorbeeld om mee naar het kerkhof te gaan of om samen van de pralines met de fijngehakte nootjes te snoepen. Die at Albert graag, hè?' Soetaers knikt.

Soms voelt ze zich alleen, vertelt Soetaers. Ze heeft geen kinderen of familieleden die langs zouden kunnen komen. Eén keer per maand gaat ze bloemschikken. ‘Maar daar zal ik niet gauw over mijn zorgen praten. Straks vinden ze me een oude zaag', zegt ze.

Vertrouwensband

Anderhalf jaar geleden startte de Landelijke Thuiszorg met het zorgbuurproject. Vlaanderen telt nu achttien zorgburen: twaalf vrijwilligers en zes beroepskrachten, waaronder Poncelet. De zorgburen 

bezoeken wekelijks samen meer dan honderd oude mensen. De dienst is nu, in de projectfase, nog gratis.

‘We zien vaak ouderen die dagenlang alleen zijn of enkel zorgpersoneel over de vloer krijgen', zegt Lut De Waele, coördinator van het project bij in Limburg. ‘Terwijl hun kinderen aan het werk zijn, zitten de bejaarden alleen thuis. Dat is een groeiend probleem in de kerkdorpen. Jongeren trekken nu vaker weg dan vroeger. Het is dus een fabeltje dat ouderen alleen in steden eenzaam zijn.'

‘Het is niet de bedoeling dat de zorgburen taken op zich nemen waarvoor diensten bestaan: ze zijn er niet om op de ouderen te passen, bijvoorbeeld, of om hen te wassen. Wat de zorgburen doen, is een aanvulling. Ze nemen bijvoorbeeld tijd om te vragen hoe het gaat. Uit enquêtes bij onze cliënten blijkt ook dat ze juist het gezelschap en de vertrouwensband met de zorgbuur belangrijk vinden.'

Achterdeur

‘Maria, ik ben het!', roept Marleen Paesmans. Ze klopt op de achterdeur. Maria Van Haren, 90, doet open. De twee gaan naar de keuken. Op tafel staat een thermos met koffie klaar, een kopje en een glaasje water. Aan de muur hangt een familiefoto. Die moet in de jaren 90 opgenomen zijn.

‘Mijn kinderen komen elke avond langs', zegt Van Haren. ‘Maar overdag ben ik alleen. En alleen is maar alleen hè. Een babbeltje en een kopje koffie doen dan deugd.'

Elke dinsdag en vrijdag komt Paesmans langs. ‘Sinds een jaar is Maria niet meer goed ter been. Ze kan haar tuin niet meer zelf in orde houden en ze mag ook niet meer achter het stuur gaan zitten. Ze kan dus ook niet meer zo gemakkelijk bij iemand op bezoek gaan. Dan slaat de verveling en eenzaamheid snel toe.'

‘Omdat ze ook slecht hoort, zijn telefoongesprekken moeizamer geworden. Maria heeft nood aan een rustige babbel thuis, in haar eigen keuken. Haar verpleegkundige en de poetsvrouw hebben daarvoor niet altijd de tijd.'

Het vertrouwen in elkaar moet groeien, zegt Paesmans. ‘Als ik een cliënt nog maar pas ken, vraag ik eerst voorzichtig naar de buren of de tuin. Maar na verloop van tijd weten de ouderen dat ze ook met hun angsten en zorgen bij mij terecht kunnen. Juist die dingen kan niet iedereen met zijn zoon of dochter bespreken. Ik luister en geef raad. Als ik na anderhalf uur de achterdeur achter me dichttrek, kan ik die zorgen ook weer van me afzetten.' 

 

bron: www.destandaard.be

datum: 28/12/2011

Zoeken