Behoefte aan kennis over slaap stijgt door toename aantal slaapstoornissen

Van 12 tot 14 januari 2011 loopt in het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA) opnieuw de Slaapcursus der Lage Landen. Tijdens de driedaagse buigen een  100-tal artsen zich over de slaapgeneeskunde. Het UZA organiseert de cursus in samenwerking met de ‘Werkgroep Ademhalingsstoornissen tijdens de Slaap’ van de Nederlandse Vereniging van Artsen voor Longziekten en Tuberculose (NVALT). Dit jaar komt bijna 70% van de deelnemers uit Nederland.

Slaapstoornissen nemen toe.

Het aantal patiënten met slaapstoornissen neemt toe met de leeftijd. Boven de 50 jaar kampt meer dan 23% van de Belgen met een matige tot ernstige slaapstoornis. Ook het gebruik van slaapmiddelen neemt toe. In België nam 3.3% van de bevolking de afgelopen nacht een slaappilletje. In 2004 was dit nog maar 2.9%. Dubbel zoveel vrouwen als mannen hebben slaapproblemen. Zij nemen ook dubbel zoveel slaapmiddelen.

Regionale en socio-economische verschillen bij slaapstoornissen.

In Wallonië worden 38% meer slaapmiddelen gebruikt dan in Vlaanderen. Verder blijkt uit de meest recente Gezondheidsenquête van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) dat slaapmiddelen en kalmeermiddelen vijf keer meer gebruikt worden door laaggeschoolden dan door de hooggeschoolden. Gezondheidsverschillen kunnen moeilijk de enige oorzaak hiervan zijn. Mogelijk speelt de economische crisis een rol. Ook in eerdere enquêtes werden echter al belangrijke socio-economische verschillen in het gebruik van slaapmedicatie vastgesteld. 

Nederlanders tonen toenemende belangstelling in slaapstoornissen.

Nederlandse ziekenhuizen zijn zich pas de laatste jaren beginnen interesseren in slaaponderzoek en slaapbehandeling. Die achterstand zijn ze echter snel aan het inhalen. Dat verklaart mede de grote opkomst van de Nederlandse artsen op deze cursus.

Slaap is een multidisciplinair gebeuren.

Het publiek dat naar de cursus komt is erg gevarieerd: van longartsen tot neus-, keel-, en oorartsen, neurologen tot psychiaters.  Dit jaar zijn er voor het eerst ook tandartsen die komen.  De deelnemers specialiseren zich in de slaapgeneeskunde en in het bijzonder in de evaluatie van ademhalingsstoornissen tijdens de slaap, zoals slaapapneu. Ze leren tijdens de cursus hoe ze een slaaponderzoek moeten beoordelen en de verschillende behandelingsmodaliteiten toepassen. Dit jaar zal voor het eerst worden ingegaan op slaapstoornissen bij het syndroom van Down. 

“Met 95 deelnemers is deze negende editie van de slaapcursus weerom een succes, vooral vanuit Nederland blijft de belangstelling groot" zegt Prof. Verbraecken, medisch coördinatior van het UZA slaapcentrum. Hij verklaart het succes vanuit de grote behoefte die er bestaat om meer te weten over de slaapproblematiek en het streven naar professionalisering in dit domein. "We hebben immers slaap nodig om goed te kunnen functioneren."

UZA expertise in slaapapneu

Het UZA heeft een ruime expertise in het behandelen van slaapapneu met CPAP. Dit is het geven van lucht onder licht positieve druk, wat het toeklappen van de luchtwegen tijdens de slaap voorkomt en zo slaperigheid bij mensen met ernstige slaapapneu (ademhaling valt minstens 20 keer per uur stil) vermindert. In het UZA worden er zo’n 3000 patiënten met deze techniek behandeld (jaarlijks 650 nieuwe patiënten, waarvan zo’n 30 uit Nederland).

 

Bron: Universitair Ziekenhuis Antwerpen 

Datum: 13/01/2012

 

Zoeken